Trams vanaf 1905 t/m heden
Motorwagens.
serie 1-20
In 1905 arriveerde de eerste elektrische tram in Rotterdam met het, hoe toepasselijk, nummer 1. Deze bestond uit een serie van 20 stuks, genummerd 1 t/m 20. Deze motorwagens zijn gebouwd bij de Belgische firma Metaliurgique uit Charleroi. De wagens zijn donkerblauw met bruine zijpanelen, met vergulde sierlijnen en wagennummers.
Aflevering van het eerste motorrijtuig.

Links het interieur van Mr 1 na ombouw en rechts Mr 1 voor de
ombouw.
De serie 1-10 had in beginsel langsbanken en de serie 11-20 kreeg de dwarsbanken, zoals hier boven te zien is. In 1912 werd de kleur van blauw/bruin veranderd in crème daarbij werd ook een pui voor de bestuurder gezet zodat deze wat meer uit de wind en regen stond. In 1922 kwamen er kleinere ruiten in en werd de schakelkast veranderd.

Links Mr 9 met de grote
ruiten en rechts de Mr 11 met kleine ruiten.
____________________________________________________________________________________
serie 21-126
In 1907 kwam de volgende serie van motorwagens in Rotterdam, aanvankelijk nog in de blauwe kleur maar ook deze werden omgeschilderd naar de crème kleur.

Deze serie wordt
gekenmerkt door 3 ramen en lansbanken. De balkonramen zijn gevat in brede
stijlen. Na de ombouw werden de koplampen elektrisch uitgevoerd.
___________________________________________________________________
serie 127-151
In de jaren 1907-1908 werden deze motorwagens geleverd en door Allan Rotterdam gebouwd. De motorwagens werden ook in de blauwe kleur geleverd.


In de RET tijd nogmaals een
kleine verbouwing ondergaan en in de jaren 1938-1941 omgebouwd tot bijwagen.
______________________________________________________________________
serie 152-176/177-201
Ook deze serie werd door Allan gebouwd. De wagens kwamen in 1913 in dienst en werden Parkwagens genoemd, ze weken sterk al van de vorige serie, ze hadden 4 ramen, die geheel geopend konden worden,hadden boven de ramen kleine ventilatieruitjes, ze waren 80 cm langer, hadden een grotere radstand, waardoor ze rustiger liepen. De serie 177-201 waren iets langer dan de serie 152-176 en hadden twee staanplaatsen meer, hadden balkondeuren die aan de niet instapzijde konden worden afgesloten. Na de ombouw in 1930-1931 werden beide series gelijk getrokken. Ook werden deze motorrijtuigen omgebouwd tot bijwagens in de periode 1942-1943.

_________________________________________________________________________________________________
serie 202-221
In 1924 werden deze motorwagens door Allan afgeleverd. Ze waren bijna een meter langer dan de Parkwagens, serie 152-201, hadden ook dwarsbanken. Deze kregen de bijnaam Delmez naar aanleiding het "Delmez systeem" van de één-assige draaistellen.

Ook deze motorwagens werden verbouwd
in de RET periode en ondermeer voor zien van een vast draaistel.
_________________________________________________________________________________
serie 401-570
Deze serie was voortvloeiend uit de reorganisatie van de RET en een vooruitstrevende directeur. De eerste serie bestond uit de motorwagens 401-450 en de bijwagens 1001-1020, deze bijwagens waren al geschikt gemaakt om dienst te gaan doen als motorwagen. De 1e serie bijwagens werden als motorwagen vernummerd als serie 451-470. De vervolg serie motorwagens kregen de nummers 471-570. De tweede serie bijwagens kregen de nummer 1001-1020. Tijdens de tweede wereldoorlog zijn er uit diverse onderdelen van 4-assers 6 éénrichtingswagens gebouwd, de serie 301-306.

De eerste en de laatste uit
de serie 4-assers.

Deze wagens waren gelijk aan
de andere serie , met die verstande dat er maar één stuurstand in zat.
____________________________________________________________________________________________________________________________________
serie 102-135
Deze serie kwam in 1950-1951, als laatste tram serie uit de Allan fabriek, na een proef met de serie 571-572. Hier waren in beginsel een grotere serie van besteld maar door het teruglopend passagiers aantal werd het beperkt tot dit aantal.

De proef serie 571-572.

De vervolg serie 102-135.
_____________________________________________________________________________________________________________________________
serie 1-15/231-244
De vooruitgang was volop bezig en na onderzoek werd besloten om ultralicht materieel te bestellen. Deze motorwagens bestonden uit 2 series nl. de serie 1-15 als enkele motorwagen en de geledewagens 231-244. Dit waren de eerste geledewagens in Rotterdam.
Motorwagen 1 bij aflevering
op straatspoor Ceintuurbaan en in actieve dienst.

Geledewagen 231 bij
aflevering bij remise Kleiweg en in actieve dienst.
_________________________________________________________________________________________________
serie 251-274/351-386
De onrustige gang van de Schindlers ging men over op het Düwag-systeem en bestelde daar eerst de enkelgelede serie 251-274 en daarna de dubbelgelede serie 351-386. De enkelgelede serie werd in 1974 verbouwd tot dubbelgelede serie 301-324.

Hier de enkelgelede 252 en
rechts verbouwd tot 302.

Aflevering van de 351 en de
371 rechts in actieve dienst.
________________________________________________________________________________________________________________________________
serie 601-635
Dit is een enkelgelede tram en waren gelijk aan de serie 251-274. In een later stadium zijn deze wagens voorzien van een middenbak die uit de serie 301-324 vrij kwam.

De 607 bij aflevering remise
Kleiweg en rechts in actieve dienst.

Donkere wolken boven de 1616
en rechts de 1600'n op transport naar Roemenie.
________________________________________________________________________________________________________________________________
serie ZGT 700/800
De serie 700 in 2
verschillende kleurstellingen.
In de periode 1981 - 1985 zijn er bij de firma Düwag nieuwe wagens besteld, het ontwerp is van de RET zelf. Alle assen zijn aangedreven met 6x42 Kw motoren.
De serie 800 in 2
verschillende kleurstellingen.
In de periode 1984 - 1988 werd de serie 801-850 gebouwd. Deze serie is uiterlijk hetzelfde als de 700 serie maar iets meer dan een meter korter. Alleen de laatste 2 draaistellen worden aangedreven met 4x48 Kw motoren. Van de gesloopte Düwags 301-324, 351-386 en de 607-617 zijn de draaistellen en de elektrische installatie gebruikt. Van deze serie zijn er ook 18 omgebouwd voor tramplus.
___________________________________________________________________________________________________________________________________
serie 2001-2060
Een nieuwe generatie trams dient zich aan in de vorm van de serie 2001-2060. Deze serie is het begin van de uitvoering lage vloer materieel.
.jpg)
De Citades in actieve dienst
op Rotterdam-zuid.
___________________________________________________________________________________________________________________________________
De bijwagens
serie 201-210/291-300
Deze wagens hebben alleen dienst gedaan bij de RETM en bij de RET achter de oude motorrijtuigen tot 1931. Ze werden in 1920 omgenummerd tot 291-300.

Links de open
aanhangwagen.
____________________________________________________________________________________________________________________________________
serie 211-240/(1)261-(1)290
In dienst genomen in 1907, vernummerd in 1920, hebben zij dienst gedaan tot 1937, ook achter de snelle 4-assers. In de periode 1930-1932 werden er 12 vernummerd als serie 1261-1290 en een middenpad gecreerd voor de conducteur. De 18 niet gemoderniseerde aanhangwagens werden in 1935 buiten dienst gesteld.

________________________________________________________________________________________________
serie 301-350
Dit waren voormalige paardentramrijtuigen. In 1931 zijn deze uit de dienst genomen omdat ze oneconomisch in gebruik waren door hun geringe passagiers capaciteit.

___________________________________________________________________________________________________
serie 351-360/1351-1360
Deze serie had 3 ramen, waarvan de bovenhelft naar binnen kon worden geklapt, in verband met de ventilatie 's zomers. In 1926 zijn de ramen geheel zakkend gemaakt. De wagens kwamen in 1915 in dienst en in de jaren 1930-1937 werden zij omgebouwd en vanaf 1949 afgevoerd. De laatste werd in 1960 buiten dienst gesteld.

___________________________________________________________________________________________________
serie 361-406
Deze serie werd in 3 groepen geleverd: 361-366 door C. Weyer in 1915; 367-386 door Allan in 1918 en 387-406 door Allan in 1921. Alleen de eerste serie had bij aflevering geen balkondeuren, die werden geplaatst in 1923. Vanaf de 371 waren de balkondeuren bij aflevering geplaatst.

__________________________________________________________________________________
serie 1001-1020 1e-2e serie
Tegelijk met de motorwagens 401-450 kwamen deze 1e serie 4-assige bijwagens. Vanaf het begin waren deze wagens bestemd om omgebouwd te worden als motorwagen. deze wagens waren daarom al voorzien van een voor- en achterbalkon.
1929.jpg)
1e serie 1001-1020 met
balkondeuren.

2e serie 1001-1020 zonder
balkondeuren.
__________________________________________________________________________________________________
serie 1021-1056
Tegelijk met motorwagens 100-135 werden de aanhangwagens 1021-1056 besteld. Ze werden eerder afgeleverd en daardoor veelvuldig achter de 4-assers gehangen.
Aanhangwagen 1021 nog zonder
schotplaten.
De 1030 bij aflevering aan de Kleiweg.
_____________________________________________________________________________________________________
Motorwagens omgebouwd tot aanhangrijtuig.
serie 1127-1151 ex 127-151
Deze oorspronkelijke motorwagens waren uit de RETM-periode tot motorwagens verbouwd onder dezelfde nummers in de RET-tijd en in de jaren 1938-1941 nog eens omgebouwd tot aanhangrijtuigen.

____________________________________________________________________________________________________________________________
serie 1152-1201 ex 152-201
Oorspronkelijk waren dit de motorrijtuigen 152-201, de Parkwagens in de RETM-tijd. In de jaren dertig werden ze omgebouwd in RET-stijl, maar bleven motorwagens. In 1942 en 1943 werden ze nogmaals omgebouwd tot aanhangrijtuig en tot 1949 dienst hebben gedaan.

_________________________________________________________________________________